Wat in Sint Laureins door burgemeester Patrick De Greve als een goed bedoelde oplossing werd gelanceerd, werd ludiek wereldnieuws in Vlaanderen, al kon men er in het schepencollege aanvankelijk allerminst om lachen. Het zorgde eventjes voor een nauwelijks verholen tweespalt tussen coalitiepartner Samen en de eeuwig goedlachse burgervader (CD&V Plus).
Historiek
Waar ging het over?
Burgemeester De Greve lanceerde op de gemeentelijke site het idee om een GAS-boete van 350 € in te voeren voor ruiters wiens paarden hun ‘gevoeg’ op straat hadden achtergelaten.
Het bericht deed onmiddellijk sociale media zowat ontploffen. Paardenliefhebbers alom klommen in het zadel.
Het euvel was echter voor de eeuwigheid geschied. Nationaal nieuws gretig geboren.
Een verbouwereerde De Greve begreep aanvankelijk de commotie echter niet.
De Greve: “We merken de laatste maanden een toename van ruiters die zich met hun paard door de dorpskernen begeven. Daarbij blijven er geregeld paardenuitwerpselen op de weg, tot op het voet- en fietspad liggen. Ik ben voorstander van een propere gemeente .”
Tegenwind
De Greve moest het zelfs tot voor de TV-camera’s van VTM gaan uitleggen.
“Het is hiermee geenszins de bedoeling om als gemeente geld te verdienen aan de uitwerpselen van paarden”, reageerde de burgemeester gevat. “We willen burgers sensibiliseren en bewust maken. Uitwerpselen van paarden zijn net als die van honden een storende factor voor velen. We zien nu al dat Jan met de pet een plastic zakje bijheeft als hij met zijn hond gaat wandelen. Opgeruimd staat netjes.”
Intussen stak ook binnenskamers felle tegenwind op bij eigen coalitiepartner Samen.
“Dit voorstel werd nooit binnen het schepencollege besproken en kan ook niet op onze steun rekenen”, liet Lindsay Buysse, voorzitter van Samen weten.
Waarop ook Vlaams Belang op het ‘paard’ sprong met een mededeling.
“Voor recreatieve ruiters is het simpelweg niet haalbaar om dit veilig op te ruimen onderweg, zonder risico’s voor zichzelf en andere weggebruikers. Moeten zij hun paard ergens achterlaten of met een emmer rondrijden?”, vroegen zij zich af.
Al zou een emmer wel eens niet kunnen volstaan. In de pers verschenen berichten dat het eerder om 7 kilo mest zou kunnen gaan, een (grote) autokoffer vol…
Suggestie
Een uitgebreide (anonieme) lezersbrief in Het Nieuwsblad suggereerde intussen een oplossing .
“Wij leven ook in een kleine gemeente en worden eveneens geplaagd door vele kilogrammen paardenmest. Daarom mijn suggestie aan de burgemeester van Sint Laureins: volg het eenvoudige voorbeeld van de koetsen in centrum Brugge. Daar zijn geen paardenuitwerpselen meer te zien sinds iedere koetsier zijn paard verplicht moet uitrusten met een uitwerpselenzak. Volgens mij een oplossing voor de burgemeester om paarden toe te laten in een paardenmestvrije dorpskern als hij ruiters zou verplichten een uitwerpselenzak aan hun paard aan te brengen. Controle hierop is gemakkelijk en een GAS-boete kan alsnog gelden. Voor vele inwoners, voetgangers en fietsers zou dit een grote opluchting betekenen. En voor de ruiters allicht een kleine inspanning voor openbare hygiëne, veiligheid en netheid.”
Strontraper
Als wij de burgemeester contacteren voor een reactie op de wijdverspreide commotie was de bijna-ruzie in het schepencollege al bijgelegd. Hij kon zelfs luidop lachen met onze suggestie of hij misschien werd geïnspireerd door het destijds veel gebruikte spottende scheldwoord “Strontraper achter de trein“? Een uitdrukking die hij als senior, net als wij, zich nog herinnert voor iemand met een minderwaardig geacht beroep. Het verwees (jaren 1960) wat oneerbiedig naar de tijd dat wc’s in treinen hun inhoud rechtstreeks tussen de rails op het spoor lieten lopen. De uitdrukking raakte bij een volgende generatie in onbruik.
Eeklo’s greppeschijters
En let op: komt er op termijn voor Sente misschien nog een aan huidige actualiteit verbonden scheldnaam van, zoals destijds gebeurde in Eeklo met de naam ‘Eeklose greppeschijters.’
Toen in de jaren ’70 van vorige eeuw een tweetal bussen op de Eeklose Markt hun senioren na een daguitstap lieten uitstappen kwam er een stormloop naar de openbare toiletten achter het stadhuis op gang. Het middageten was op de terugweg al collectief verkeerd beginnen toeslaan en het werd na aankomst in Eeklo haastig en nijpend drummen aan slechts twee toiletten, veel te weinig voor het ongeduldig wachtend collectief met onhoudbare buikdiarree. Zo werden dan maar de greppen langsweg ernaast als verschonende oplossing gebruikt. Het bezorgde de Eeklonaars nog steeds hun spotnaam.
Zou het idee van de burgemeester de Sentenaars straks mogelijk op dezelfde manier ook een spotnaam kunnen bezorgen…?
Inwoners van Hoboken worden ook al met de weinig flatterende naam “de Strontboeren” betiteld.
(Piet De Baets)



