Eeklo Hoofdartikel

Oud Feecee-voorzitter Daniel Willems (81) mijmert over een succesvol verleden: ‘Een stad als Eeklo verdient nationaal voetbal.’

Enkel de oudere generatie herinnert zich nog de gloriedagen van FC Eeklo, toen de club in de jaren ‘80 het mooie weer maakte in tweede voetbalklasse. De succesvolle, inmiddels 100-jarige ploeg, speelde toen ooit de eindronde om te promoveren naar de hoogste afdeling. Drie- tot vierduizend (!) bezoekers zakten om de 14 dagen naar het plein langs de Gentse steenweg af. Het was de glorietijd van mecenas Daniël Willems die later in 1991 als voorzitter ontslag nam. Vanaf toen ging het van kwaad naar erger. In 2012 werd de Feecee omgedoopt tot FCE Meetjesland en momenteel is Eeklo naar tweede provinciale afgezakt.
Jan Wulfaert nam vorig jaar de scepter als voorzitter over en voerde intussen de voor de hand liggende naamswijziging door: van FCE Meetjesland terug naar KFC Eeklo.
Er heerst opnieuw terechte en gezonde ambitie om op te klimmen naar de nationale voetbalreeksen. De Eeklose club herleeft.
We brachten de huidige voorzitter en de ex-voorzitter eens samen voor een babbel. Maar eerst een korte nostalgische terugblik op een roemrijk verleden.

De Eiken Zetel

Daniël Willems is de stichter van de enige overlevende meubelfabriek, die Eeklo momenteel nog rijk (en niet failliet) is: De Eiken Zetel in het Mandeweegsken, nu nog steeds succesvol geleid door zoon Philippe en familie.
Daniël startte het bedrijf in 1960, kort nadat hij huwde met Jeannine De Lange, intussen overleden. De zaken gingen goed en in de fabriek, waar eiken bankstellen werden gemaakt, werkten halfweg 1970 meer dan 170 personeelsleden. Willems, oud-speler als linksbuiten van de Feecee, werd in 1972 gevraagd om in het bestuur van de ploeg te komen. Ook een beetje met het oog op sponsoring. Aanvankelijk als ondervoorzitter. Toen de ploeg in 1974 promoveerde naar vierde nationale werd Willems voorzitter.
‘Ik investeerde geld in de ploeg maar hield me ook bezig met scouting, onderhandelingen met nieuwe spelers tot zelfs de trainer helpen met de ploegtactiek’, herinnert Willems zich die jaren. ‘Eigenlijk deed ik bijna alles alleen.’

Fusie met SV Boelare

FC Eeklo groeide in die periode uit tot een vaste waarde in bevordering en slaagde er zelfs in op te klimmen naar derde afdeling.
Willems:  “In het seizoen ‘84- ‘85 speelden we een legendarische kampioenenmatch tegen VW Hamme voor liefst 4.000 toeschouwers en we wonnen met 7-1. Nu kun je je dat niet meer voorstellen, dergelijke toeschouwersaantallen voor het Eeklose voetbal. Het was ook de laatste match van de Feecee in het stadion langs de Gentsesteenweg want de eigenaar van de gronden had andere plannen met de site. Door een fusie aan te gaan met de andere Eeklose ploeg, het noodlijdende SV Boelare,  zorgde ik voor een oplossing. We waren aan het promoveren naar derde klasse maar hadden geen stadion meer. De deal was merkwaardig vlug rond. We namen wel de kleur wit als extra kleur mee.” (nvdr: SV Boelare speelde in het paarswit).
Zo verhuisde de club naar de Zandvleuge en amper twee seizoenen later, in 1987, steeg Eeklo zelfs naar tweede klasse.
Willems (glundert): “Daar speelden we kort nadien zelfs al de eindronde en hadden we kans om te promoveren naar eerste. Dat waren schitterende tijden want we speelden regelmatig voor meer dan 3.500 toeschouwers. Acht seizoenen hielden we het vol in tweede klasse, ook wel het vagevuur van het Belgisch voetbal genoemd.”

Verval

Enkele jaren later wierp een moegetergde Willems de handdoek in de ring en het verval zette zich in. ‘Ik voelde veel tegenwerking van het toenmalige stadsbestuur’, vertelt hij daarover. ‘Ik moest ook telkens met geld over de brug komen terwijl het stadsbestuur met een huurovereenkomst met steeds strengere voorwaarden op de proppen kwam waarbij we tot 150.000 Belgische frank (3.700 €) huur per jaar moesten betalen ! Dat dreigde een molensteen rond onze nek te worden en ik werd dat beu.”
Willems werd opgevolgd door dokter Guy Vereeken maar na een jaar bleken de centen op en in 1995, na acht jaar tweede klasse, degradeerde de Feecee stilaan naar lagere regionen.

Antheunis

Het ging definitief van kwaad naar erger en in amper vijf jaar zakte de ploeg af tot in de provinciale reeksen. Daniël Willems keek met lede ogen op het verval van de eens zo fiere en succesvolle Feecee met als dieptepunt de naamsverandering naar FCE Meetjesland in 2012.  

Willems: “Ik was niet alleen ontgoocheld maar gedegouteerd. Ik ben nooit meer gaan kijken, hoewel er nog kort gespeculeerd is over mijn terugkeer. Ik ervaarde echter te weinig respect en teveel jaloezie om dat nog te overwegen. Bovendien is het heden ten dage zeer moeilijk om in de voetbalwereld nog iets te realiseren zonder veel geld. Maar het is wat het is. Zonder geld ben je als club kansloos in het hedendaagse voetbal. Vroeger was dat anders, maar dat is een tijd die nooit meer terugkeert.”
Toch diept hij ons nog een leuke anekdote op over Aimé Antheunis, die tussen 1974 en 1978 nog enkele jaren voor Eeklo speelde.
“Aimé belde mij op in 1999 toen hij trainer was van Racing Genk. Hij vroeg mij of ik nog connecties had bij Anderlecht omdat hij daar het trainerschap ambieerde. Dat was inderdaad het geval want ik kende toenmalig voorzitter Roger Vanden Stock zeer goed. Na enkele telefoontjes bleek de interesse bij beide partijen wederzijds en hier bij mij thuis werden daarover diverse geheime besprekingen gevoerd over het contract van Antheunis als trainer van Anderlecht. Ze stalden hun auto’s stiekem hier achteraan op het fabrieksterrein zodat de pers geen lucht zou krijgen over de aan gang zijnde onderhandelingen tussen beide partijen.”

Naamsverandering

Met Jan Wulffaert kwam in mei vorig jaar een nieuwe voorzitter aan zet. Wulfaert begon meteen met een naamswijziging: FCE Meetjesland werd terug KFC Eeklo.
“Ik sprak hierover met veel supporters en voelde duidelijk dat de vraag naar de vorige bekende naam groot was”, vertelt Wulfaert. Willems knikt instemmend en kan een tussenkomst niet laten. “De Feecee is nog altijd een naam als een klok in voetbalmiddens en kan nog steeds deuren openen bij het aantrekken van nieuwe spelers,” geeft hij de nieuwe voorzitter mee. Jan Wulfaert maakt hem duidelijk dat er weer ambitie is om hogerop te klimmen. 

Wulffaert (enthousiast): “Momenteel spelen we in tweede provinciale maar zeker volgend seizoen willen we de promotie naar eerste provinciale afdwingen. We zetten de samenwerking met trainer Frank De Wispelaere verder en momenteel voer ik al verkennende gesprekken met nieuwe ster-spelers. De bedoeling is om een zevental nieuwe binnen te halen, vijf uit de nationale reeksen en twee uit provinciale. Daarvoor werken we ook met een scout om potentiële aanwinsten te evalueren. Ik voel inderdaad bij onderhandelingen hoe KFC Eeklo nog altijd een aantrekkingskracht uitoefent waarvan veel ploegen uit de omgeving enkel kunnen dromen. Ook voor spelers lijkt dat nog altijd een voorbeeld. De ambitie moet er uiteindelijk op alle niveaus zijn om terug in de nationale reeksen te kunnen voetballen”.
Daniël Willems hoort dergelijke taal van de nieuwe voorzitter graag en steekt zijn glas omhoog: “Een centrumstad als Eeklo verdient nationaal voetbal !”

Zandvleuge

Jan Wulfaert zegt vragende partij te zijn dat het stadsbestuur zou investeren in het huidige stadion. Nochtans lijkt de politiek hierover te twijfelen en wordt de mogelijkheid onderzocht of KFC Eeklo niet beter naar het Sportpark in de Burgemeester Lionel Pussemierstraat zou verhuizen. Een optiek die Wulfaert echter categoriek van de hand wijst.
“De capaciteit aan het Sportpark is ver ontoereikend voor onze ambities. Er is maximaal plaats voor amper 350 toeschouwers en momenteel spelen we huidig seizoen in tweede provinciale al vrij vlug voor meer dan 350 man. We komen van 80 gemiddeld. Tijdens onze eerste thuismatch van het seizoen kwamen er, weliswaar wegens een gratis actie, meer dan 600 bezoekers naar ons stadion ! Het voetbal leeft terug in Eeklo en het toeschouwersaantal zal alleen maar groeien als we naar nationale kunnen doorstoten. De parking aan het Sportpark staat nu al elk weekend vol en als er daar voetbal bijkomt, vrees ik dat de wijken errond met serieuze overlast zullen te kampen krijgen. Dat is het laatste was ik wil. Voetbal genereert immers automatisch lawaai, tijdens maar ook na de match in de kantine, zeker met ambiance na een overwinning. Daarom, wij willen aan de Zandvleuge blijven, waar de omgeving beter geschikt is om voetbalmatchen te organiseren. In de hoop dat het stadsbestuur geld vrijmaakt om het stadion te moderniseren. De gloriedagen onder Daniël Willems komen dan zeker terug.”

Yves Boone/
Piet De Baets