• Lievegem
Verslaafd zijn ze allemaal min of meer, de verzamelaars, maar sommigen al wat meer dan anderen. Sommige verzamelaars proberen wel maar kunnen niet afkicken, zoals Jozef Vanderstappen uit Waarschoot (Lievegem). Hij heeft al verschillende keren een deel van zijn collectie miniatuurtractoren, -landbouwvoertuigen en Amerikaanse knickers (speciale landbouwvoertuigen) verkocht, maar na verloop van tijd begon het toch weer te hard te kriebelen. Hij heeft er vandaag weer 450 exemplaren staan, een heel ‘washok’ vol. “Elke maand krijg ik mijnen pree van mijn vrouw om iets bij te kopen, maar soms leen ik stiekem nog iets bij”, lacht hij met pretoogjes. Rommelmarkt Jozef (84) is afkomstig van Opwijk (Vlaams-Brabant) en verdiende de kost als buschauffeur. Tot zijn 72ste bleef hij rijden, met schoolbussen en op Spanje. Zijn verslaving begon 30 jaar geleden, met dank aan zijn toen driejarige zoon. “Ik ben pas laat vader geworden”, doet hij zijn verhaal. “Als hobby reed ik ook mee met de wielertoeristen, tot mijn vrouw zei iets te doen met onze driejarige zoon. Omdat ik mijn brevet van 5.000 kilometer toch al binnen had, nam ik hem die 15de augustus 1991 mee naar de rommelmarkt bij Sint-Jacobs in Gent, om er eens rond te neuzen en iets te kopen. Hij koos er een oude Ford-tractor uit. Die uitstap beviel ons en we trokken er nadien geregeld naartoe en telkens brachten we iets mee. Tot mijn vrouw ermee dreigde die allemaal bij het grof huisvuil te zetten. Even later ontmoette ik op een beurs voor miniatuurauto’s in Sint-Kruis-Winkel iemand van Waarschoot, die 2 pk’tjes verzamelde. Die kwam een kijkje nemen bij ons en zei: ‘Maar gij hebt hier echte schatten op zolder…! ’. Washok ingenomen Dat compliment was voor Jozef genoeg om zijn verzameling verder uit te bouwen. Hij bezocht zeer geregeld rommelmarkten, maar ook grote beurzen, zoals er maandelijks waren in het shoppingcenter in Woluwe. Of hij ging om de twee, drie maanden naar het Nederlandse Zwolle, om zijn verzameling aan te vullen. Jozef: “Dat was toch algauw een kleine 400 kilometer rijden, maar wel een beurs waar tot 9.000 verzamelaars op afkwamen.” Maar het dreigde aldra uit de hand te lopen en nog nauwelijks te volgen. Waar merken vroeger af en toe een nieuw model op schaal uitbrachten, werden er dat steeds meer, tot 60, 70 modellen op een jaar. “Vroeger kon je op de rommelmarkten voor 300 frank (7,5 €) nog iets interessants vinden, of zo’n nieuw model voor 50 tot 65 euro, maar vandaag is dat ook rap al 120 euro”, zucht onze Waarschotenaar. “En ja, als er dan een nieuw model uitkomt in een reeks die je volgt, wilt ge die ook kopen natuurlijk”. Af en toe kocht of koopt Jozef ook dubbels. “Zeker als die niet veel kosten, want die kan je dan later gebruiken voor reserve-onderdelen, voor als er aan een ander exemplaar iets kapot gaat. Of om te ruilen voor een andere ontbrekend exemplaar in de collectie”. Washok Jozef probeerde al enkele malen tevergeefs zijn verzamelwoede te stoppen door af te bouwen. Er gingen al eens 750 stuks de deur uit, maar het verzamelaarsbloed kruipt waar het niet gaan kan, en Jozef herviel telkens opnieuw. Intussen had hij het echtelijke washok helemaal ingenomen, om er zijn collectie te stallen, die ’s winters in een verwarmde en ’s zomers in een gekoelde ruimte konden staan. Waarna hij er enkele jaren geleden nog eens 500 ineens verkocht. Maar ook na die verkoop herviel hij. Jozef: “Ik ben toen wel begonnen met Amerikaanse knickers te verzamelen, dat zijn zware landbouwvoertuigen met acht wielen, die in het midden ‘knicken’ of ‘plooien’. In Amerika worden die veel gebruikt, maar hier zouden die mastodonten niet eens door de straten kunnen passeren. Ik heb er nu al meer dan honderd van, naast nog een paar honderd gewone tractoren”. In het rood Maar terwijl hij zijn aankopen vroeger zelf bekostigde, met wat hij bijverdiende als buschauffeur, is hij sinds zijn pensioen fel afhankelijk van ‘subsidies’ die zijn vrouw Rita hem (welwillend) toeschuift. Jozef: “Alle maanden krijg ik van haar een bepaald bedrag, dat ik dan spaar of waarmee ik een nieuw model op schaal koop. Maar mijn vrouw geeft af en toe ook wel eens iets extra of ik leen een ‘voorschot’ bij haar, als er een speciaal model is uitgekomen. Zo heb ik al eens 300 euro in het rood gestaan bij haar. Dat moet ik dan eerst afbetalen, vooraleer ik een nieuwe pree krijg (lacht). Maar ja, ik doe er niks verkeerds mee, hé ²en het houdt een mens gefocust en ook geestelijk bezig. Zo noteer ik van elke tractor of knicker nog steeds alle gegevens, behalve de prijs. Dan kunt ge er later ook geen spijt van krijgen, zo maak ik mijn eigen wijs…(knipoogt eens achter de rug van echtgenote).” Piet De Baets