• Meetjesland
23/02/2011

Burgemeester Koen Loete van Eeklo maakte vorige vrijdag op een persconferentie bekend dat de brandweerkorpsen van negen gemeenten uit het Meetjesland de bedoeling hebben om intensief samen te werken. ‘Dit kadert in de intentie van de overheid om de brandweerkorpsen in grotere intergemeentelijke zones te laten optreden’, aldus de Eeklose burgemeester.

De negen gemeentebesturen (Aalter, Maldegem, Eeklo, Knesselare, Zomergem, Waarschoot, Sint-Laureins, Kaprijke en Nevele) zullen de komende maanden waarschijnlijk allemaal groen licht geven om een opdrachthoudende vereniging met rechtspersoonlijkheid op te richten. ‘De Wet van 2007 aangaande de Civiele Veiligheid legt op dat er een zonale indeling komt met grotere zones voor de brandweerkorpsen’, legt Koen Loete uit. ‘Het is zo bijvoorbeeld de bedoeling dat er in Oost-Vlaanderen zes brandweerzones komen. De zone Meetjesland, waartoe wij zullen behoren, is daarvan de kleinste. De intentie tot samenwerking zal de eerstvolgende twee maanden in alle gemeenteraden van de deelnemende gemeenten voorgelegd worden. Eind 2011 zou deze samenwerkingsstructuur op punt moeten staan want in het verkiezingsjaar 2012 mogen bijvoorbeeld dergelijke beslissingen niet meer genomen worden. In die op te richten opdrachthoudende vereniging zullen dan vertegenwoordigers van elke gemeente zetelen. Het is de bedoeling dat er binnen de nieuwe structuur krachtdadiger en sneller kan opgetreden worden zonder telkens terug te koppelen naar de verschillende gemeenteraden.’

INVESTERINGEN
Brandweercommandant Alex Van Suyt van Maldegem klinkt alvast positief over de toekomstige intergemeentelijke samenwerking tussen de korpsen. ‘Het mag duidelijk zijn dat het hier geen blanco cheque betreft. Binnen de nieuwe structuur zullen we ons goed moeten organiseren en zelfs specialiseren. Er zal nagedacht moeten worden wie bijvoorbeeld welke taken op zich zal nemen. Bedoeling is dat onze brandweermensen en het materieel op een nog efficiëntere manier ingezet worden. Er staan ons daarnaast belangrijke investeringen te wachten op gebied van materiaal. Binnen de nieuwe zone zullen we ook betere opleidingen kunnen aanbieden aan onze mensen. Naar de bevolking toe verandert er echter weinig of niets, de dienstverlening hopen we zelfs nog te verbeteren’, besluit Van Suyt.